header_cardiologen3

Nucleair onderzoek

Bij nucleair onderzoek wordt gebruik gemaakt van radioactieve stoffen om afwijkingen in weefsels in beeld te brengen. Het radiofarmacon wordt door een bepaald orgaan of weefsel verwerkt en bevindt zich uiteindelijk in het onderzoeksgebied. Een zogenaamde gammacamera ontvangt de straling die het radiofarmacon uitzend en een computer verwerkt deze informatie tot een beeld, zodat een bepaald orgaan of weefsel zichtbaar wordt gemaakt.

 

De gebruikte hoeveelheid radioactieve stof is na een paar dagen uit het lichaam verdwenen en is zo gering dat het geen gevaar vormt voor de patiënt of zijn omgeving. Bij zwangere vrouwen wordt het onderzoek soms aangepast of uitgesteld.

 

 

Soorten onderzoek

 

Ejectie Fractie Bepaling

Met behulp van dit onderzoek kan er een uitspraak worden gedaan over de pompfunctie en de wandbeweging van het hart. Met het onderzoek wordt berekend hoeveel bloed het hart per hartslag kan wegpompen. Dit wordt de ejectie-fractie genoemd.

 

De patiënt krijgt twee injecties via een waaknaald in een ader. De eerste injectie zorgt ervoor dat de radioactieve stof zich goed aan de rode bloedcellen kan hechten. Na twintig minuten worden er elektroden op het lichaam geplakt voor het maken van een ECG tijdens het onderzoek. Hierna volgt een tweede injectie met de licht radioactieve stof. Meteen daarna wordt gestart met het maken van de foto's. De patiënt ligt op de onderzoekstafel met de linkerarm omhoog. De gammacamera wordt schuin boven het lichaam geplaatst. Het maken van de foto's duurt ongeveer twintig minuten.

 

Myocardscintigrafie

Met behulp van dit onderzoek is het mogelijk om de doorbloeding van het hart te beoordelen. Het geeft op een weinig belastende wijze informatie over de doorbloeding van de kransslagaderen. Het onderzoek bestaat uit een inspannings- en rustonderzoek en vindt op twee verschillende dagen plaats. 

 

  • Het inspanningsonderzoek wordt door een nucleair geneeskundige of hartfunctieverpleegkundige uitgevoerd en begeleid door een medisch nucleair werker. Voor het onderzoek krijgt de patiënt een waaknaald in een arm. Ook worden elektroden op de borst en rug aangebracht, waarmee een ECG kan worden gemaakt. Vervolgens fietst de patiënt op een hometrainer, waarvan de weerstand oploopt. Tijdens het fietsen wordt regelmatig een ECG gemaakt en wordt de bloedruk gemeten. Op het moment van maximale inspanning krijgt de patiënt een kleine hoeveelheid licht radioactieve stof toegediend, waarna hij nog een minuut doorfietst. De radioactieve stof hecht zich aan de hartspier op plaatsen waar deze goed doorbloed wordt. Bij patiënten die niet in staat zijn om met behulp van de fiets een voldoende hoge inspanning te leveren wordt het hart door het toedienen van een medicijn (Adenosine) belast.

 

Na inspuiting van de radioactieve stof wordt ongeveer een uur gewacht. Daarna krijgt de patiënt een aantal glazen water te drinken en worden de foto's gemaakt. De patiënt ligt hiervoor op een onderzoekstafel en wordt weer aangesloten op een ECG-apparaat. De foto's van het hart worden gemaakt terwijl beide gammacamera's om de patiënt heen bewegen. Het onderzoek duurt ongeveer 25 minuten.

 

  • Voor het rustonderzoek krijgt de patiënt weer een kleine hoeveelheid radioactieve stof toegediend. Hierna wordt ongeveer een uur gewacht, waarna de patiënt een aantal glazen water krijgt te drinken. Daarna worden op dezelfde wijze als tijdens het inspanningsonderzoek foto's gemaakt.