header_pacemakertechnici5

Hartritmestoornissen

Het hart wordt aangezet tot samentrekken door elektrische prikkels. Die worden normaal gesproken in de sinusknoop gevormd om vervolgens via de boezems en de AV-knoop in de kamers aan te komen. Wanneer de elektrische prikkel te langzaam, te snel of op een verkeerde manier wordt voortgeleid spreken we van een hartritmestoornis. Een te trage hartslag noemt men een bradycardie, een te snelle hartslag een tachycardie. Het ritme kan regelmatig, maar ook volstrekt onregelmatig zijn.

 

Ritmestoornissen worden op verschillende manieren ingedeeld. Hieronder volgen de meest voorkomende soorten:

 

  • Een stoornis vanuit de boezems (zoals boezemfibrilleren, boezemflutter)
  • Een stoornis vanuit het AV-gebied
  • Een stoornis vanuit de kamers (zoals kamerfibrilleren, kamertachycardie)

 

 

Oorzaken

 

Er zijn veel oorzaken voor hartritmestoornissen. De belangrijkste zijn: ouderdom, een te snel werkende schildklier, een hartinfarct (recent of in het verleden doorgemaakt), cardiomyopathie, hartfalen, een hartoperatie en het gebruik van bepaalde stoffen zoals tabak, alcohol en drugs. Hartritmestoornissen kunnen ook aangeboren zijn.

 

Symptomen en gevolgen

 

Bij hartritmestoornissen kan de patiënt onder andere last hebben van duizeligheid en wegrakingen, hartkloppingen, hartbonzen, overslagen,  pijn op de borst en kortademigheid. Bijkomende klachten zijn misselijkheid, transpireren,  hyperventileren en angst. Symptomen zijn mede afhankelijk van de soort ritmestoornis.

 

Behandeling

 

Medicatie

Bij de behandeling van hartritmestoornissen worden vaak hartritme- en prikkelverlagende medicijnen voorgeschreven. Bij sommige ritmestoornissen is er een verhoogde kans op de vorming van bloedstolsels, bij die vormen kunnen dan ook bloedverdunners en plaatjesremmers worden voorgeschreven.

 

Cardioversie

Hierbij wordt geprobeerd het onregelmatig hartritme door middel van een kleine stroomstoot op te heffen.

 

Pacemaker of ICD

Een pacemaker is een klein elektronisch apparaatje dat het hartritme bewaakt en zo nodig bijstuurt door zelf elektrische prikkels af te geven. Een ICD heeft een vergelijkbare functie, maar kan bij een ernstige hartritmestoornis ook ingrijpen door een grote schok af te geven.

 

Ablatie

Radiofrequente katheterablatie, kortweg ablatie genoemd, is de behandeling van hartritmestoornissen door het wegbranden van cellen in het hart. Hiermee kunnen plaatsen die zelf prikkels afgeven worden uitgeschakeld of een afwijkend verloop van een elektrische prikkel worden onderbroken.

 

Maze-operatie

Hierbij worden in de boezems sneden gemaakt en bepaalde gebieden bevroren. De littekens die vervolgens ontstaan zorgen ervoor dat de ritmestoornis niet meer op kan treden.